Geschiedenis

Meer zicht op en kennis van ziekte en gezondheid onder wilde dieren is belangrijk om meer dan één reden:

  • Door onderzoek en betere waarnemingen worden infecties of ziekten in populaties wilde dieren sneller opgemerkt.
  • Sommige infecties en ziekten bij wilde dieren kunnen aan de mens worden overgedragen en andersom.
  • Sommige infecties en ziekten bij wilde dieren kunnen aan gedomesticeerde dieren worden overgedragen en andersom.
  • Gezondheidsstoornissen bij wilde dieren kunnen een aanwijzing zijn voor veranderingen in het milieu.
  • Ziekten onder wilde dieren kunnen gevolgen hebben voor het welzijn van wilde dieren.
  • Ziekten kunnen populaties in gevaar brengen en zelfs leiden tot uitroeiing van kleine populaties.

Ontstaan

In Nederland werkten en werken verschillende instituten aan aspecten van de gezondheid van wilde dieren. Maar niet alle aspecten kwamen aan bod. Daarom was er behoefte aan een centraal punt waar men met vragen over de gezondheid van wilde dieren terecht kon en werd in 2002 het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC) opgericht. Het was een gezamenlijk initiatief van de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht, het Instituut voor Virologie van het Erasmus Medisch Centrum Rotterdam en het toenmalige Nederlandse Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV).

Aanvankelijk was het DWHC ondergebracht bij het Erasmus Medisch Centrum, maar in 2008 werd het overgeplaatst naar het Departement Pathobiologie van de Faculteit Diergeneeskunde in Utrecht. Het DWHC in Utrecht werd officieel geopend op 7 januari 2009.

Financiering

Het DWHC wordt op dit moment gefinancierd door het Ministerie van Economische Zaken (EZ), het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), en de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht.

Begeleidingscommissie

Het DWHC heeft een wetenschappelijke begeleidingscommissie. De commissie bestaat uit vertegenwoordigers van Nederlandse instellingen die zich bezighouden met de gezondheid van mens of dier en de natuur. Op dit moment zitten er in de commissie vertegenwoordigers van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM, Bilthoven), het Central Veterinary Institute (CVI, Lelystad), de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD, Deventer), het Wageningen Universiteit en Researchcentrum (WUR, Wageningen), het Erasmus Medisch Centrum (Rotterdam), de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA, Den Haag), Sovon Vogelonderzoek Nederland, de Zoogdiervereniging, Natuurmonumenten en de Nederlandse Jagers Vereniging . Vertegenwoordigers van instellingen die zich bezig houden met natuurbeheer worden uitgenodigd om deel te nemen aan de commissie.